Feuilleton Abramovic - PhD

Aflevering 360 Mannenexpo ‘normaal’, vrouwenexpo ‘rariteit’

Screenshot. Zie voor het YouTube filmpje (2:43 minuten) de link in de eerste alinea.

Een ander voorbeeld van het vormgeven van sociale en persoonlijke ervaringen, getoond op de expositie Ca. 7,500 in 1974 (zie aflevering 359), is een werk van Eleanor Antin (in deze video is een ander werk te zien). Gedurende een 17-daags bezoek aan New York verblijft ze met man en peuter bij haar moeder die een appartement in Manhattan heeft. De kunstenaar documenteert de gesprekken die ze met haar moeder heeft en hoe ze schippert om de lieve vrede tussen hen te bewaren.** Wat wordt dan haar kunstwerk?

Antin stelt beschrijvingen en grafieken ten toon van de emotionele inhoud van de gesprekken met haar moeder. Ze categoriseert de emoties onder ‘verveling’, ‘agitatie’ en ‘provocatie’.**

Als laatste voorbeeld noemt Roszika Parker in haar artikel Art has no sex. But artists do, de in dit feuilleton al eerder besproken Mierle Laderman Ukeles (afleveringen 145, 255 en 269) met haar Maintenance Art Works, ofwel ‘onderhoudskunst’. Tijdens de tentoonstelling Ca. 7,500 (zie ook aflevering 359) stelt de kunstenaar dat Ontwikkeling en Onderhoud de zuurbal van elke revolutie zijn: wie ruimt op maandagmorgen na de revolutie de rotzooi op? Ze dient een uniek verzoek in: tijdens de expositieperiode wordt een uur per dag al het onderhoudswerk van het gewone schoonmaakpersoneel beschouwd als kunst, als zij daarmee akkoord gaan en zich ervan bewust zijn.**

De kunstwerken van Laurie Anderson, Eleanor Anton en Mierle Laderman Ukeles vallen volgens Lucy R. Lippard onder conceptuele kunst (zie ook aflevering 359). Er worden ideeën tentoongesteld, in foto’s, teksten, tekeningen, op cassettebandjes en dergelijke. De enige restrictie voor de kunstenaars is het formaat van het werk: ongeveer A-4. Waarom zo klein? De tentoonstelling moet in een koffer passen, zodat al de kunstwerken naar zo veel mogelijk plaatsen vervoerd kunnen worden om een zo groot mogelijk publiek te bereiken.**

Het feministische blad Spare Rib besteedt niet alleen aandacht aan de tentoonstelling, het gaat ook in op het onbegrip en de vijandigheid die Ca. 7,500 blijkbaar oproept. Een vraag die bijvoorbeeld steeds maar weer terugkomt is:

Waarom een tentoonstelling met alleen vrouwen?*

Een opvallende vraag. Immers, ooit bij een van de talloze tentoonstellingen met alleen mannelijke kunstenaars gedacht: goh, waarom een tentoonstelling met alleen mannen? Nee hè, waarschijnlijk niet.

Volgens de kunstenaars die deelnemen aan Ca. 7,500 moeten zij zichzelf en elkaar bewust promoten, zéker zolang blijkbaar een mannenexpo ‘normaal’ is en een vrouwenexpo als een rariteit wordt gezien. ‘Wij kiezen ervoor, en vinden het noodzakelijk, om samen te exposeren – al hebben sommigen van ons individuele exposities en in andere contexten – om vooroordelen tegen vrouwelijke kunstenaars te bestrijden. Niemand anders gaat het voor ons doen.*

*Uit het boek Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.3-78
**Uit: Roszika Parker, Art has no sex. But artists do. In: Framing Feminism, Art and the Women’s Movement 1970-85. Eds. Roszika Parker en Griselda Pollock, Pandora Press, Londen, 1987, pp.3-78

About the author

Susan Hol

Leave a Comment