Feuilleton Abramovic - PhD

Aflevering 635 Ronddolen door het ongebaande woud

Lady Butler, The 28th Regiment at Quatre Bras, 1875, olieverf op doek, 97,2 x 219,2 cm.

Foto gevonden bij wikip.

Het staat een vrouw niet vrij om te gaan en te staan waar zij wil, ofwel te reizen, om sociale en professionele contacten te onderhouden, naar het café te gaan en dergelijke, schrijft Cora Hollema in Talent is niet genoeg (SUN, 1982; zie ook aflevering 633).

Het probleem met bewegingsvrijheid (zie ook aflevering 634) geldt iets minder voor de getrouwde kunstenaars: zij kunnen in het kielzog van hun echtgenoot wat vaker buiten de deur komen. Gewoon, om buiten in het landschap te schilderen (‘door het ongebaande woud ronddolen’), maar ook om verre reizen te maken. Al lappen kunstenaars als de Engelse Lady Butler (1850-1933) en de Franse Rosa Bonheur (1822-1899) alle regels, gebruiken en gewoonten aan hun laars, evenals – volgens Hollema – de Nederlandse Betzy Akersloot-Berg (1850-1922) (1982, p.25-26.)

‘Deze kunstenaressen vallen uit de toon door werk van groot formaat en door ongebruikelijke onderwerpkeuze’, aldus Hollema. ‘Dit ongebruikelijke werk lijkt het resultaat van een voor vrouwen ongebruikelijke instelling: het werk ging bij hen vóór alles, zelfs als zij hiervoor ongepast gedachte omstandigheden moesten trotseren.’ (1982, p.26)

Zo laat Lady Butler ‘hele figurantenlegers aanrukken’ voor een optimaal resultaat van de veldslagen die zij schildert. Ze koopt roggevelden op om ze ‘levensecht te laten vertrappen’, en rijdt paard ‘om zich zo goed mogelijk in te leven in de soldaten op haar schilderijen’. Op die manier maakt ze bijvoorbeeld het enorme schilderij van de slag bij Quatre Bras (zie afbeelding bij deze aflevering). (1982, p.26)

Rosa Bonheur schildert ook enorme doeken, maar zij specialiseert zich vooral in dieren. Ze ontleedt geslachte dieren en schetst in de abattoirs van Parijs, zodat ze de anatomie zo precies mogelijk kan benaderen. Ze bezoekt veemarkten en draagt daarbij bij voorkeur mannenkleren, zodat ze zo onopvallend en doelmatig mogelijk kan werken. ‘Een van haar beroemde schilderijen is de Paardenmarkt van tweeënhalf bij vijf meter’, aldus Hollema. (1982, p.26)

Hoezeer deze grote kunstenaars alle maatschappelijke normen naast zich neer lijken te leggen, moeten ook zij toch last hebben gehad van verwachtingspatronen. Tenminste, kunsthistoricus Linda Nochlin denkt dat zij op een bepaalde, min of meer verhulde, manier hebben moeten toegeven aan de normen voor vrouwen, schrijft Hollema. (1982, p.26)

Hoe zit dat dan?

About the author

Susan Hol

Leave a Comment